Nieuws

13/01/2021

Interview met Anita O’Connor

Het Voortgezet Onderwijs Veghel doet al sinds de start van Trainees in onderwijs mee (en haar voorloper Eerst de Klas). De afgelopen jaren hebben zij minstens twee trainees in huis gehad. Anita O’Connor, Algemeen Directeur VO Veghel, vertelt graag over waarom zij meedoet met het traineeship en wat haar ervaringen zijn!

Anita, wat bewoog jullie meteen vanaf het begin mee te doen met dit traineeship?

“Bij aanvang van het programma Eerst de Klas (voorloper van Trainees in onderwijs, red.) dachten we: ‘het zou fantastisch zijn om iemand te bewegen een stap in het onderwijs te maken die bijvoorbeeld het vak natuurkunde kan geven.’ Toen we eenmaal onderdeel waren van het programma, zagen we hoeveel waardevolle enthousiaste mensen we in huis haalden. Toen zijn we ermee doorgegaan.”

Wat maakt deze nieuwe docenten zo waardevol?

“Het zijn mensen die een universitaire opleiding achter de rug hebben, en levenservaring meenemen die ze hebben opgedaan uit het bedrijfsleven. Daardoor komen ze een stuk zelfverzekerder binnen dan iemand die net van de opleiding komt. De trainees beginnen met een open blik en zijn niet bang om hun feedback te delen.”

“Ook heb ik gemerkt dat de trainees bij ons een boost geven aan de onderzoekscultuur. Velen zijn onderzoeksleraren geworden en dat betekent dat zij een belangrijke rol spelen in het vormgeven van het hele onderwijsconcept.”

Kunt u een voorbeeld noemen van een voormalig trainee die bij jullie op school veel heeft kunnen bereiken?

“Eén trainee heeft meegewerkt aan het opzetten van een hele onderzoekers- en ondernemers leerlijn, van leerjaar 1 tot en met 6. Daarin leren kinderen hoe ze onderzoek doen voordat je conclusies trekt. Hiermee worden ze bij uitstek voorbereid op een universitaire opleiding. Om zo’n project op te zetten moet je zelf natuurlijk ook universitaire ervaringen hebben.”

Welke kwaliteiten komen nog meer van pas als je dit traineeship gaat doen?

“Een flinke portie lef! Het spreekt voor zich dat als je nog nooit voor de klas hebt gestaan en je deelneemt aan dit programma, je flink veel lef hebt. Natuurlijk, dat klassenmanagement kennen de trainees nog niet. Ze hebben daar nog nooit les in gehad, maar als ze vertrouwen in zichzelf hebben dan staan ze daar. En dat vertrouwen hebben ze al snel, merk ik.”

Op welke manier begeleiden jullie de trainees?

“We hebben opleidingsleraren en die ondersteunen onze trainees, bijvoorbeeld met het klassenmanagement. Als school is het belangrijk dat je om de paar weken intervisie doet.”

“Er zijn heel veel scholen die partner zijn binnen de academische opleidingsschool, waardoor ze sowieso al een goed opleidingsteam in huis hebben. Dat werk wordt natuurlijk wel uitgebreid door de trainees, maar dit zijn geen tieners die binnenkomen. Het zijn volwassen mensen en verstandige, volwassen mensen. Tegelijkertijd moet je de trainees niet overschatten.”

Hoe zouden scholen de trainees kunnen overschatten?

“Je moet niet denken: ‘ik betaal ze en dan moeten ze meteen alles kunnen’, dat is niet zo. Je zet ze in principe gewoon in, maar voor een deel van de tijd ook niet want die tijd moeten ze gebruiken voor de opleiding. Soms geven ze aan dat het te veel is, en dan moet je daar ook op kunnen inspelen. Ik vind het heel belangrijk om je investering te beschermen en dat moet je verstandig aanpakken.”

Wat zou je tegen collega rectoren willen zeggend die twijfelen om mee te doen?

“Als een trainee zo bereid is om te investeren in dit programma, dan weet je dat diegene een doel voor ogen heeft. En wij hebben dat ook. Je moet je realiseren als rector dat je echt een investering doet in je school. Ik zie vaak dat er sprake is van een inschattingsfout. Collega-rectoren zeggen dan, ik moet ze voor 0,8 fte betalen terwijl ik ze maar voor 0,5 fte kan inzetten. Maar het betreft een investering in toekomstige onderwijskwaliteit en daar moet de begeleiding wel op en top voor zijn. Daar hebben de trainees recht op, en als je een slimme rector bent dan zorg je hier ook voor.”

“Zeker aan scholen waarvan de resultaten niet zo denderend zijn, zou ik willen adviseren om mee te doen, want in dat geval heb je goede mensen nodig. Kijk naar het grotere plaatje, naar de lange termijn. Als je alle zeilen moet bijzetten om de resultaten te verbeteren, weet dan dat dit programma zo’n zeil is. Het is heel moeilijk om verandering teweeg te brengen in je organisatie en deze trainees brengen een nieuwe dynamiek met zich mee. Deze mensen komen niet op de winkel passen, ze komen de winkel op zijn kop zetten. Ik ben echt zo enthousiast. Ik begrijp niet waarom niet iedereen trainees wil hebben.”

Wat is een belangrijke vraag die je stelt tijdens de matchinggesprekken?

“Eerst maak ik duidelijk waar wij staan als school en in onze ontwikkeling, en dan hoor ik graag van de trainee wat zij kunnen toevoegen aan deze ontwikkeling. Scholen zijn allemaal heel verschillend van elkaar. Tuurlijk staat er overal in het schoolplan dat de leerling centraal staat, maar wat doet een school daarmee? Wat verwacht je dan van de leraren? Welke vaardigheden moet een leraar hebben om te passen binnen onze visie op het onderwijs? Dat zijn dingen die wij vertellen.”

Wat zou je tegen de toekomstige trainees willen zeggen?

“Werken in het onderwijs is de mooiste baan die je kunt hebben. Het is nooit saai. Je helpt tieners verder in hun leven. Je hebt een enorm belangrijke voorbeeldrol, dus het is heel mooi werk. Kijk, wij mensen in het onderwijs kunnen best klagerig zijn. Dan komen we in het nieuws dat we het heel zwaar hebben en daarmee geven we echt een verkeerd beeld want het onderwijs is gewoon hartstikke leuk. Het is bij ons nooit saai. Je doet nooit elke dag hetzelfde. Je maakt echt het verschil voor kinderen.”

“Ik ga over een paar jaar met pensioen, als ik het over zou doen zou ik echt precies dezelfde baan kiezen. Ik heb er echt van genoten. Ik zeg tegen de trainees: investeer in de relatie met de leerlingen. Zij hebben het gevoel dat ze niet voor zichzelf op school zitten, maar ze doen het echt voor jou. Als jij een geïnteresseerde leraar bent, dan hebben ze ook respect voor jou. En daar kun je echt dingen mee bereiken.”